Sessie 4
Het goud dat van jou is
1. Je hebt misschien jarenlang gedacht dat je plek verdiend moest worden
Sommige mensen groeien op met het gevoel dat hun plek vanzelfsprekend is.
Anderen moeten er als het ware voor vechten.
Misschien moest je vroeger vooral aanpassen. Stil zijn. Presteren. Pleasen. Niet te veel ruimte innemen.
Misschien werd een ander kind gezien als het talent, het voorbeeld, het succesverhaal.
Of misschien was er in jouw gezin simpelweg weinig ruimte voor jouw gevoelens, jouw stem of jouw manier van zijn.
En ergens onderweg ontstond een overtuiging:
Ik word niet meegerekend.
2. Wanneer je eigen plek nooit vanzelfsprekend was
Misschien gaat het niet eens over de vraag of iemand anders jouw plek inneemt. Misschien is de diepere vraag:
Heb jij ooit geleerd dat er een plek voor jou was?
Wanneer je binnen een gezin niet werkelijk wordt meegerekend, kan het moeilijk worden om later zelf ruimte in te nemen. Het maakt het lastig jouw goud in jezelf te ontdekken en te erkennen.
- Je weet misschien wel dat je erbij hoort.
- Maar je hebt het nooit echt ervaren.
- Je leert niet vanzelfsprekend je stem te laten horen.
- Je leert niet vanzelfsprekend mee te beslissen.
- Je leert niet vanzelfsprekend te zeggen: “Dit is mijn plek.”
En wanneer jij die ruimte niet inneemt, kan een ander haar als vanzelf innemen.
Niet altijd omdat die ander jou bewust buitensluit. Maar omdat jij gewend bent geraakt aan het in de schaduw leven. Het komt niet snel in je op naar voren te stappen.
En zo kan een patroon jarenlang blijven bestaan. Tot er iets verandert. Want je wordt je bewust van wat er eigenlijk gebeurt.
Je ziet ineens:
Wacht eens… ik sta hier helemaal aan de kant.
En bewustwording verandert alles. Want zodra je niet alleen ziet wat er gebeurt, maar er ook naar gaat handelen, verandert de verhouding.
- Je spreekt je uit.
- Je neemt verantwoordelijkheid.
- Je stelt een grens.
- Je maakt een keuze.
- Je gaat staan.
En dan kan het systeem gaan kraken.
Niet omdat jij iets verkeerd doet. Maar omdat een systeem dat jarenlang op één bepaalde manier heeft gefunctioneerd, moet reageren wanneer iemand opeens een andere plek inneemt dan voorheen.
Wat voor jou voelt als thuiskomen op je eigen plek, kan voor een ander voelen als een bedreiging van de plek die hij of zij gewend is in te nemen.
En dáár raakt dit opnieuw aan het thema van De Verborgen Strijd om het Goud.
Niet iedere strijd ontstaat omdat iemand iets van een ander wil afpakken.
Soms ontstaat er strijd wanneer iemand voor het eerst ontdekt dat er ook voor hem of haar een plek is.
Een plek die er al was maar je niet kreeg.
Want het goud dat in jou is gelegd, staat niet los van jouw verhaal. Het hoort bij wie jij bent, bij jouw geschiedenis en bij de plek die jij daarin inneemt.
Wanneer je jezelf die erkenning begint te geven — ik mag hier zijn, mijn stem telt, dit is ook mijn plek — krijgt dat goud ruimte om zichtbaar te worden.
En wanneer jouw goud zichtbaar wordt, kan dat het bestaande systeem veranderen.
Soms kraakt het dan. Niet omdat jouw goud verkeerd is.
Maar omdat anderen eraan gewend zijn geraakt dat jij het verborgen hield.
3. De plek die je nooit hebt durven innemen
Soms is het probleem niet alleen dat iemand anders jouw plek inneemt.
Soms hebben wij zelf geleerd om onze plek niet in te nemen.
- Omdat dat ooit veiliger was.
- Niet opvallen.
- Geen conflict veroorzaken.
- Geen nee zeggen.
- De vrede bewaren.
- De ander voor laten gaan.
Wat ooit bescherming was, kan later betekenen dat je jezelf steeds opnieuw wegcijfert.
Dan kan het moment komen waarop je jezelf moet vragen:
Waar ben ik eigenlijk uit mijn eigen leven verdwenen?
4. Je plek innemen is niet hetzelfde als de plek van een ander afpakken
Dit is een heel belangrijke kern van deze sessie.
Je plek innemen betekent niet: Nu ben ik aan de beurt en jij moet verdwijnen.
Het betekent:
Ik hoef mezelf niet langer kleiner te maken zodat jij groter kunt zijn.
- Je mag spreken.
- Je mag grenzen stellen.
- Je mag verantwoordelijkheid nemen.
- Je mag zichtbaar zijn.
- Je mag je gaven gebruiken.
Zonder de ander kleiner te maken.
5. Jouw verhaal?
Er zijn mensen die jarenlang aan de rand van hun eigen familiegeschiedenis hebben gestaan.
Ze zagen hoe een ander kind de vanzelfsprekende plek kreeg.
- Soms omdat het andere kind speciale medische of psychische zorg vroeg.
- Soms omdat het andere kind veel jonger of ouder was.
- Soms omdat het andere kind een achterstand in ontwikkeling had.
- Soms weten ze de reden niet maar wel: ik ben het gouden kind niet.
Ze leerden om niet te veel te vragen. Niet te veel ruimte in te nemen.
Tot er op een dag iets verandert.
Ze ontdekken dat ze niet langer hoeven te wachten tot iemand anders hen een plek geeft.
Ze mogen zelf gaan staan. Niet boven een ander. Niet ten koste van een ander. Maar gewoon:
Hier ben ik.
6. Wanneer het innemen van je plek weerstand oproept
Soms verandert er iets wanneer jij je plek inneemt.
- Niet iedereen zal dat begrijpen.
- Niet iedereen zal blij zijn met jouw grenzen.
- Soms heeft iemand jarenlang voordeel gehad van het feit dat jij vanzelfsprekend in de schaduw bleef.
Wanneer jij vervolgens opstaat, kan dat voor de ander voelen alsof jij iets afpakt. Terwijl jij misschien alleen maar voor het eerst iets inneemt wat altijd al van jou was.
De reactie van een ander bepaalt niet of jouw plek werkelijk bestaat.
7. Wat is werkelijk van jou?
Dit is van mij:
- mijn stem
- mijn grenzen
- mijn keuzes
- mijn gaven
- mijn verantwoordelijkheid
- mijn verhaal
- mijn vriendschappen
- mijn relaties
- mijn werk
- mijn relatie met God
- mijn plek
Dit is niet van mij:
- de goedkeuring van iedereen
- de keuzes van anderen
- de reactie van anderen
- de plek van een ander
- het verleden veranderen
8. Oefening — Ga staan op je plek
Drie vragen:
- Waar heb ik mezelf kleiner gemaakt om ruimte te laten voor een ander?
- Welke plek mag ik nu opnieuw innemen?
- Hoe kan ik dat doen zonder de plek van een ander af te nemen?
9. Terug naar het goud
Het goud dat de Schepper van Havilah in jou heeft gelegd, hoef je niet te verdedigen tegen het goud van een ander. Je hoeft niet te bewijzen dat jouw goud ook iets waard is.
Je hoeft alleen te leren het te ontvangen, te bewaren en ermee te leven.
Het goud dat van jou is, blijft van jou.
Ook wanneer een ander schittert.
Ook wanneer iemand jou niet ziet.
Ook wanneer iemand jouw plek niet erkent.
Misschien is volwassen en heel worden in je goud niet meer vechten voor je plek.
Misschien is het leren geloven dat je er al mag zijn.
Want jij bent. Jij bent gemaakt naar het beeld van de Schepper van Havilah. Hij zegt van zichzelf: IK BEN. Dat is Zijn naam.
JIJ BENT. ❤️🩹
Even stilstaan bij de plek die jij inneemt.
Misschien heb je geleerd om jezelf klein te houden. Niet te veel ruimte in te nemen. Niet te veel te vragen.
Maar er komt een moment waarop je ontdekt:
Deze plek is van mij.
Waar mag jij vandaag meer ruimte innemen?
En waar houd je jezelf nog tegen omdat je bang bent voor wat er gebeurt als je werkelijk gaat staan?
Je plek innemen betekent niet dat je de plek van een ander afpakt.
Waar mag jij zeggen: hier ben ik?
________________________________________
________________________________________
________________________________________