Sessie 2

Wanneer het goud van de ander bedreigend is

1. Van de strijd in jezelf naar de strijd die tussen mensen kan ontstaan

In de eerste sessie hebben we gekeken naar wat er in jouzelf kan gebeuren wanneer je dichter bij je eigen goud komt. .

Maar je leeft tussen andere mensen. En ook zij dragen iets kostbaars in zich.

 

2. Als de ander gaat schitteren

Misschien ken je het.

Iemand anders krijgt erkenning en wordt gezien. Iemand is ergens bijzonder goed in. Of krijgt een kans waarop jij had gehoopt en waarvan je dacht dat jij er geschikt voor was.

En dan gebeurt het.

Je voelt een steek. Je vergelijkt. .

En ergens klinkt een gedachte:

Waarom hij wel. Waarom zij? Wat blijft er voor mij over?

Soms is het subtiel.

Je zegt:

"Wat fijn voor hem."

Maar ondertussen voel je iets anders.

Niet altijd afgunst. Niet altijd jaloezie.

Soms is het onzekerheid, angst of verdriet.

En soms wordt er iets veel diepers geraakt.

Een oude overtuiging. Een oude wond.

Misschien leerde je ooit dat je niet genoeg bent. Niet gezien wordt of dat je er niet helemaal mag zijn.

Soms weet je niet wát daar zit maar voelt het wel.

Zoals de spreekwoordelijke erwt onder honderd matrassen.

Je ziet de erwt niet. Je weet niet dat die daar ligt. Maar je voelt haar. 

En ineens reageer je sterker dan je had verwacht

Een klein moment kan ineens veel groter voelen dan het moment zelf verklaart.

En ergens vanbinnen voel je:

Au.

Misschien begrijp je het niet direct. Maar stap niet meteen over je reactie heen.

Misschien heeft dit moment een oude plek geraakt. Een plek die al veel langer op je wachtte.

 

2. Er is geen tekort aan goud

Ga terug naar het beeld van Havilah.

Goud is kostbaar.

Maar het goud dat God in jou heeft gelegd, is niet hetzelfde als het goud dat Hij in een ander heeft gelegd.

Jouw waarde hoeft niet te worden verdedigd tegen de waarde van een ander.

De gave van een ander maakt jouw gave niet kleiner. De schoonheid van een ander neemt jouw schoonheid niet weg. Het licht van een ander dooft jouw licht niet.

En toch kan het soms wel zo voelen.

Waarom?

Omdat we niet alleen leven vanuit wat waar is.

We leven ook vanuit wat we onderweg zijn gaan geloven.

Als je diep vanbinnen bent gaan geloven dat liefde, aandacht, erkenning of waarde schaars zijn, kan het goud van een ander voelen als een bedreiging.

Dan wordt de ander niet meer alleen iemand die naast je staat.

Maar iemand met wie je moet concurreren.

Maar waar komt dat gevoel van tekort vandaan?

En waarom kan het goud van een ander soms voelen alsof er minder overblijft voor jou?

 

3. Het verhaal van Ismaël en Izak

Hier komen we bij een eeuwenoud verhaal dat een belangrijke spiegel kan worden.

In Genesis lezen we, vlak na de tekst over het land Havilah, over Abraham, Sara, Ismaël en Izak.

Ismaël is de zoon van Abraham en Hagar.

Later wordt Izak geboren uit Sara, in de lijn van de belofte die God aan Abraham had gegeven. Dat maakt het verhaal complex.

Want Ismaël is niet zomaar een willekeurig personage. Hij is Abrahams zoon. Er is een geschiedenis. Er is verbondenheid. Er is een familie.

En toch ontstaat er spanning rondom de twee zonen.

In Genesis 21 wordt beschreven dat Sara Ismaël ziet lachen/spelen rond Izak. De situatie escaleert en Sara vraagt Abraham om Hagar en Ismaël weg te sturen. Abraham vindt dit pijnlijk, maar God spreekt vervolgens ook over Ismaël en belooft dat ook hij tot een groot volk zal worden.

Dat laatste is belangrijk. Het verhaal eindigt niet met: Ismaël heeft geen waarde. Integendeel.

God ziet ook Ismaël. Hij hoort zijn stem. Hij zorgt voor hem. En Hij spreekt toekomst over hem.

Dat voorkomt dat we het verhaal te gemakkelijk reduceren tot: de ene is goed en de andere is fout.

4. Twee werkelijkheden tegelijk

Dit verhaal laat iets zien wat we gemakkelijk missen. Er kan tegelijk sprake zijn van:

verschil en waarde.

Izak heeft een unieke plaats in het verhaal van de belofte. Maar dat betekent niet dat Ismaël waardeloos is.

Dat onderscheid is belangrijk voor onze reis. Want misschien hebben wij soms onbewust geleerd.

  • Als de ander gekozen wordt, ben ik afgewezen. Of:
  • Als de ander bijzonder is, ben ik minder bijzonder. Of: Als er één mag schitteren, moet de ander wijken.

Maar dat is de logica van schaarste. De logica van armoe. Niet de logica van overvloed.

 

5. Wanneer verschil verandert in rivaliteit

Verschil op zichzelf is niet het probleem.

Jij bent anders dan ik. Mijn goud ziet er anders uit dan jouw goud. Mijn roeping hoeft niet jouw roeping te zijn. Mijn tempo hoeft niet jouw tempo te zijn.

Maar verschil kan bedreigend worden wanneer identiteit afhankelijk wordt van vergelijking.

Dan ontstaat er een andere vraag:

Als jij bijzonder bent, ben ik het dan nog?

En voor je het weet, probeer je niet langer je eigen goud te ontdekken.

Je probeert te bepalen hoeveel ruimte het goud van de ander mag innemen.

6. Een spiegel voor onszelf

Hier moeten we voorzichtig worden. Het is gemakkelijk om naar dit verhaal te kijken en te denken:

Ik weet wie de Ismaëls van deze wereld zijn.

Maar dat is niet de bedoeling van deze reis. De vraag is niet:

“Wie is de Ismaël in mijn leven?

De eerste vraag is:

Waar leeft Ismaëls of rivaliserend denken misschien in mij?

En: 

Waar ervaar ik de ander als bedreiging?

  • Waar vergelijk ik?
  • Waar voelt het succes van een ander als mijn verlies?
  • Waar heb ik moeite om iemand anders volledig tot bloei te zien komen?
  • En misschien nog dieper: Wat zegt de ander zijn succes over mijn eigen waarde?

 

7. Een verborgen overtuiging

Neem deze zin langzaam in je op:

"Als er voor jou ruimte is, is er minder ruimte voor mij.”

Herken je hem? Misschien niet letterlijk. Maar misschien zit hij verborgen in bepaald gedrag.

  • Je moet jezelf bewijzen.
  • Je wilt de beste zijn.
  • Je vindt het moeilijk wanneer iemand anders complimenten krijgt.
  • Je trekt je terug wanneer iemand anders schittert.
  • Je maakt de ander kleiner.
  • Je maakt jezelf kleiner.
  • Of je probeert onmisbaar te worden.

Allemaal verschillende reacties. Maar soms ligt eronder dezelfde angst:

Is er wel genoeg ruimte voor mij?

8. Reflectie

Neem tijd voor deze vragen:

Wanneer voel ik mij bedreigd door het goud van een ander?

Denk aan concrete situaties. Niet alleen aan grote conflicten. Ook aan kleine momenten. Wat gebeurt er dan in mij?

Wat voel je?

  • jaloezie?
  • verdriet?
  • angst?
  • boosheid?
  • schaamte?
  • onzekerheid?
  • teleurstelling?

 Welke overtuiging ligt daaronder?

Maak de zin af: “Als die ander…”

Bijvoorbeeld:

  • Als die ander beter is, dan ben ik…
  • Als die ander wordt gekozen, dan ben ik…
  • Als die ander de aandacht krijgt, dan…
  • Als die ander succes heeft, dan..

Laat het antwoord eerlijk zijn.

 

9. Oefening — Mijn goud en het goud van de ander

Maak twee kolommen.

Wanneer het goud van een ander mij raakt

Wat ik diep van binnen nodig heb

Wat gebeurt er?

Wat zou ik eigenlijk willen geloven, of diep weten van binnen.

Kijk daarna naar één situatie. Vraag:

Wat zegt mijn reactie over hoe ik mijn eigen goud zie?

Misschien ontdek je dat het probleem niet werkelijk de ander is. Misschien raakt de ander iets aan wat jij zelf nog niet volledig durft te geloven.

 

10. Een nieuwe waarheid

Probeer deze gedachte niet alleen te lezen, maar werkelijk te laten landen:

Het goud van een ander is geen bewijs dat mijn goud minder waard is.

En:

Ik hoef het goud van een ander niet kleiner te maken om mijn eigen goud te mogen dragen.

Misschien is dat voor jou een nieuwe manier van kijken. De ander hoeft niet minder te worden zodat jij groter kunt zijn. En jij hoeft niet kleiner te worden zodat de ander groter kan zijn.

Er mag ruimte zijn.

 

11. Stiltemoment

Sluit je ogen als dat voor jou goed voelt of laat je blik ergens op rusten.

Denk aan iemand wiens goud jou soms raakt. Niet iemand die je onmiddellijk wilt veroordelen. Maar iemand bij wie je merkt:

Daar gebeurt iets in mij.

Neem die persoon rustig in gedachten. En vraag:

Schepper, laat mij zien wat er in mij wordt geraakt wanneer ik het goud van deze ander zie.

Blijf stil. En stel daarna een tweede vraag: Wat wilt U mij laten zien over mijn eigen goud?

Je hoeft niets te forceren.

 

 12. Gebed

Schepper,

Dank U voor het goud dat U in ieder mens legt. Leer mij om het goud van een ander te zien zonder mijn eigen waarde kwijt te raken.

Waar ik vergelijk, laat mij zien wat daaronder leeft, waar ik mij bedreigd voel, laat mij zien waar ik bang ben voor tekort.

Waar ik mezelf kleiner maak, herinner mij eraan dat er geen tweede is zoals ik. En waar ik een ander kleiner maak, geef mij de moed om dat onder ogen te zien. Leer mij leven vanuit overvloed in plaats van vergelijking.

Leer mij mijn eigen goud te dragen zonder het goud van een ander te bestrijden.

Amen.

 

13. Wat we meenemen

Vandaag hebben we een belangrijke stap gezet.

In Sessie 1 keken we naar de strijd in onszelf. Nu hebben we gezien dat die strijd ook zichtbaar kan worden in relatie tot anderen.

Wanneer jouw identiteit onzeker wordt, kan het goud van een ander voelen als een bedreiging. Dan kan vergelijking ontstaan. En vergelijking kan uiteindelijk veranderen in rivaliteit.

Maar we hebben ook iets anders gezien.

Gods waardering van Ismaël verdwijnt niet omdat Izak een bijzondere plaats krijgt.

Dat is een belangrijke sleutel voor de verdere reis.

Want misschien is de diepste strijd niet:

Wie heeft het meeste goud?

Maar:

Kan ik geloven dat er werkelijk ruimte is voor het goud dat God in mij én in de ander heeft gelegd.

In de volgende sessie kunnen we nog dieper gaan. Want er is een verschil tussen vergelijking en strijd. Wanneer vergelijking verandert in bedreiging, kan er iets ontstaan dat verder gaat dan:

Ik wou dat ik had wat jij hebt.

Dan kan het worden:

Ik wil niet dat jij hebt wat jij hebt.

Daar raken we aan een ander Bijbels beeld.

Amalek.

Niet als etiket voor een hedendaagse persoon of bevolkingsgroep, maar als een verhaal waarin we kunnen onderzoeken wat er gebeurt wanneer iemand of iets zich richt tegen wat onderweg kwetsbaar, moe of onbeschermd is.

Daarmee komt een nieuwe vraag op:

Wat gebeurt er wanneer het goud niet alleen wordt vergeleken, maar aangevallen?

Dat is de deur naar sessie 3 van De Verborgen Strijd van het Goud.

 

Even stilstaan bij wat deze sessie in jou raakt wanneer je het goud van een ander ziet.

Je ziet iemand die iets heeft wat jij ook graag zou willen.

Een gave.
Aandacht.
Succes.
Een plek.

Wat gebeurt er in jou wanneer het goud van een ander zichtbaar wordt?

Welke gedachte of welk gevoel komt dan als eerste?

Misschien klinkt er iets als:

Waarom hij wel?
Waarom zij?
Wat blijft er voor mij over?

Het goud van een ander maakt jouw goud niet minder waard.

Kun je ruimte maken voor het goud van de ander én voor dat van jou?

 

________________________________________

 

________________________________________

 

________________________________________